Geloof in beweging

juni 7, 2008

Abrahams erfenis

Ingedeeld onder: Essays — Jan Chr. Vaessen @ 10:00 am
Inleiding

Chaos en orde
Een belangrijk thema in alle wereldreligies is de strijd tussen orde en chaos met daar achter of onder de strijd tussen goed en kwaad. In het oude China hadden we al het Taoïsme, dat de chaosmachten respecteerde en het Confucianisme, dat stond voor orde. De Hindoeïstische god Shiva verenigt de krachten van vernietiging en de wederopbouw in zichzelf. In het Babylonië van de zesde eeuw voor Chr. was er de godin Tiamat, die stond voor de chaos en de god Mardoek, die Tiamat in stukken scheurde en haar daarmee overwon. In het Perzische rijk kwam het Zoroastrisme op dat zich concentreerde op de strijd tussen de duisternis en het licht. Het oude Griekenland richtte zich meer op de strijd tussen de vergankelijkheid van de materie en de eeuwige, onveranderlijke kennis van de geest. In de Romeinse tijd was de Mythras-cultus belangrijk die veel belang hechtte aan de zon als overwinnaar van de duisternis. De gnostiek zal vooral op deze dualistische lijn verder gaan.
In Israël en in Egypte hield men zich ook met deze thema’s bezig maar op een minder dualistische manier. In het oude Egypte was men vooral geïnteresseerd in de samenhang van dood en leven. En terwijl alle wereldreligies proberen om een manier te vinden, waarop de chaos kan worden beteugeld, het kwaad gecontroleerd en de duisternis verdreven, liet men in het oude Israël het mysterieuze karakter van beide zijden bestaan. De mens is niet in staat om het kwaad in z’n onpeilbare dieptes te kennen, laat staan op te lossen. Daartoe is alleen een nog groter mysterie in staat, namelijk dat van de genade en de liefde van JHWH, de Allerhoogste God van het kenbare en onkenbare universum.

Symbolen en metaforen
Voorbij de strijd tussen orde en chaos zou je de strijd tussen goed en kwaad het centrale thema kunnen noemen van alle wereldgodsdiensten. Volgens de Franse filosoof Paul Ricoeur spelen goed en kwaad een belangrijke rol in de menselijke wil, ratio en zelfs de taal, waarmee deze worden uitgedrukt, maar gaan daar ook aan voorbij. De diepere lagen van goed en kwaad, die zich bevinden voorbij de taal, worden ons door middel van allerlei symbolen aangereikt vanuit het zijn zelf. Taalschepping met behulp van levende metaforen probeert een weg te zoeken door deze mysterieuze werkelijkheid. Religies zou je kunnen zien als de realisering van het metaforisch potentieel dat de symbolische werkelijkheid aanreikt (Noot: zie onder). Ongeveer zoals er oneindig veel verschillende soorten schepen zijn gebouwd om te varen op de onmetelijk diepe zee. Beide, symbool en metafoor, zee en schip, ontmoeten elkaar in een overgangsgebied, onder de waterlijn, dat samenhangt met de diepgang van het schip.

Zee en schip
Het beeld van de religie als een schip dat de zeeën bevaart is op zich niet zo gek. Door de hele geschiedenis van de mensheid heen, in alle culturen en wereldgodsdiensten, hebben mensen gebruik gemaakt van het schip om de zeeën te bevaren en nieuwe werelden te ontdekken. Het beeld van het water als oersymbool van goed en kwaad past ook wel, omdat - ook weer in alle culturen - water wordt gezien als symbool van dood en leven. Zo staat in het scheppingsverhaal van Genesis - maar ook in het zondvloedverhaal - water symbool voor de oerwateren, de chaos en de dood, terwijl tegelijkertijd het leven uit dat water ontstond en erdoor in stand gehouden wordt. Het water verwijst naar de prehistorie, het tijdperk van de godinnen toen het leven in het teken stond van baren en nieuw leven verwekken, de tijd voordat de grote beschavingen en wereldreligies ontstonden, waarin goden het voor het zeggen kregen en het leven in het teken stond van beperking en machtsuitoefening, oorlogsvoering en dood. De oude – vrouwelijke – symboliek heeft het tijdperk van de grote – mannelijke – beschavingen tot op de dag van vandaag overleefd, gewoon omdat het hier om oermenselijke drijfveren (of chakra’s) gaat, die ieder mens nog steeds in zich heeft.

De zoektocht gaat verder
En zo vervolgen we onze reis, onze zoektocht naar nieuwe metaforen voor een behouden vaart op, een zinvol leven in zeeën van ellende en van diepe vreugde. In dit essay – met een wat langere omvang dan de artikelen - concentreren we ons op Abrahams erfenis, dat wil zeggen de wereldreligies van Jodendom, Islam en Christendom. Ik wil me eerst laten inspireren door een aantal vitale impulsen uit het Jodendom en de Islam. Daarna richten we de aandacht op een paar belangrijke ontwikkelingen uit de beginfase van de officiële Christelijke Kerk, waarin de thema’s orde en chaos een grote rol spelen. Dat zijn a) de gnostiek en b) een paar grote concilies, waarin de belangrijke dogmatische beslissingen werden genomen inzake het Christelijk geloof. Met die bagage gaan we op zoek naar nieuwe wegen voor het Christelijk geloof.

(Noot: In Interpretation Theory, discourse and the surplus of meaning (Fort Worth, Texas, US, 1976, p. 69) zegt Paul Ricoeur: ‘Metaphors are only the linguistic surface of symbols and they owe their power to relate the semantic layer with the pre-semantic layers in the depth of human experience to the two dimensional structure of the symbol.’ )

 

Ik zou het leuk vinden als je op de gedachten in dit essay of in andere essays wilt reageren. Op de vaste pagina Essays vind je een overzicht van alle essays, die je elk afzonderlijk kunt aanklikken.

Geen Reacties »

Nog geen reacties.

RSS feed voor reacties op dit bericht. TrackBack URI

Plaats een reactie

Blog op Wordpress.com.